Search term quit has 10 results
EN English NL Dutch
quit (v) [employment]
  • quitted
  • quit
  • quit
  • quitted
  • quitted
opgeven (v) {n} [employment]
  • opgegeven
  • geeft op
  • geven op
  • gaf op
  • gaven op
quit
  • quitted
  • quit
  • quit
  • quitted
  • quitted
aftreden
  • afgetreden
  • treden af
  • treedt af
  • trad af
  • traden af
quit (v) [activity]
  • quitted
  • quit
  • quit
  • quitted
  • quitted
stoppen (v) {n} [activity]
  • gestopt
  • stoppen
  • stopt
  • stopte
  • stopten
quit (v) [activity]
  • quitted
  • quit
  • quit
  • quitted
  • quitted
ophouden (v) {n} [activity]
  • opgehouden
  • houden op
  • houdt op
  • hielden op
  • hield op
quit (v) [employment] ontslag nemen (v) [employment]
EN English NL Dutch
quit (v) [work] ermee ophouden (v) [work]
quit (v) [activity] ophouden met (v) [activity]
quit (v) [activity] stoppen met (v) [activity]
quit
  • quitted
  • quit
  • quit
  • quitted
  • quitted
bedanken
  • bedankt
  • bedanken
  • bedankt
  • bedankten
  • bedankte
quit
  • quitted
  • quit
  • quit
  • quitted
  • quitted
uittreden
  • uitgetreden
  • treden uit
  • treedt uit
  • traden uit
  • trad uit